In de ban van de mijn

In 2015 loopt China’s 12de vijfjarenplan op zijn einde. Kort na de oprichting van de Volksrepubliek werden deze economische doelstellingen in het leven geroepen en creëerden ze zowel voorspoed als catastrofes. Zo veroorzaakte de Grote Sprongvoorwaarts – het meest pijnlijke voorbeeld – een enorme industriële boost, maar verwaarloosde de landbouw met ongeziene hongersnood als gevolg. In het huidige ontwikkelingsplan richt Beijing zijn pijlen voornamelijk op een ecologisch verantwoorde en duurzame economie. Bijkomend belangrijk punt is het verkleinen van de sociale ongelijkheid door o.a. het aanwakkeren van de verstedelijking. De creatie van 45 miljoen jobs en de constructie van 36 miljoen woningen voor arme families moeten hier de klus klaren. In de Tibetaanse regio’s vertaalde dit zich in de ‘Comfortable Housing Policy’, waarbij tot op heden meer dan twee derden van de totale bevolking binnen de Tibetaans Autonome Regio (TAR) – ongeveer 2 miljoen mensen – moesten verhuizen. In Qinghai, dat grotendeels overlapt met de Tibetaanse provincie Amdo, leeft ondertussen 90% van de nomaden en herders een sedentair bestaan ‘dankzij’ deze strijd tegen armoede. Of de lokale bevolking enige inspraak heeft in en gebaat is met deze maatregelen is een andere kwestie. Van de communes tot de hedendaagse (gedeeltelijke) vrijemarkteconomie: voor China tellen eenmaal de cijfers en quota’s.

DIGITAL IMAGE

In het 12de vijfjarenplan neemt ook mijnbouw een prominente plaats in. Het oude Tibet kende kleinschalige delving van edele metalen zoals goud en zilver, maar het ontbrak elke vorm van moderne infrastructuur – op uitzondering van een kleine elektriciteitscentrale en een munthuis na. Een belangrijke reden hiervoor had een religieuze grondslag. Volgens de overlevering introduceerde Guru Rinpoche of Padmasambhava niet alleen het boeddhisme, hij voorzag de regio eveneens van vele bodemschatten. De ontginning van grondstoffen zou, zo wil het volksgeloof, het klimaat beïnvloeden en op die manier de landbouw onwrichten. De komst van de Chinezen maakte een einde aan de natuurlijke symbiose tussen mens en omgeving. Het Rode leger, met in zijn kielzog een bataljon geologen, opende niet alleen de weg naar het socialisme, maar eveneens de Tibetaanse bodem.

Goudkoorts

Met de bezetting verwierf de Chinese staat het eigendom van alle natuurlijke rijkdommen – door het simpelweg te claimen – en implementeerde vrijwel onmiddellijk de bodemexploitatie in zijn vijfjarenplanning. In een eerste fase moest voorzien worden in de stijgende vraag naar fossiele brandstoffen, zoals steenkool en olie. Vervolgens focusde China zich op koper als basis voor de industrialisatie en ontwikkeling van het Chinese binnenland. Een van de grootste koperreserves binnen de Volksrepubliek bevindt zich in de TAR. Daarnaast vormen ook goud en zout belangrijke aanwinsten voor het spijzen van de Chinese economie. Enkel de onherbergzaamheid en de geïsoleerde ligging van het hoogplateau kunnen voorlopig ietwat weerwerk bieden tegen China’s ongebreidelde drang naar natuurlijke mineralen.

China Gold_logo

In de laatste vijftig jaar ontgon men, van alle grondstoffen die Tibet rijk is, het meest goud. China groeide uit tot ‘s werelds grootste consument, producent en importeur van het edele metaal. Kleinere bedrijven werden in de loop der jaren opgekocht en grote spelers, zoals de China National Gold Group, domineren nu de markt. China Gold bezit mijnen in twee van de vijf autonome regio’s binnen de Volksrepubliek: Binnen-Monoglië en Tibet. Beide mijnen doen het goed. Volgens de officiële website mogen we over enkele jaren een verdubbeling van productiviteit verwachten. Maar dergelijke werken op grote hoogte houden risico’s in. Vorig jaar vond een aardverschuiving plaats in de buurt van de Gyama-mijn en bedolf een kamp van arbeiders. Het getroffen gebied, op ruim 65 km van Lhasa, besloeg een lengte van drie kilometer met twee miljoen kubieke meter aan modder, stenen en puin. De ramp kostte het leven aan 83 mijnwerkers, waarbij 2 Tibetanen, en gaf aanleiding tot kritische vragen rond China’s mijnbouwbeleid. De propagandamachine draaide onmiddellijk op volle toeren en officieel was er dan ook geen verband tussen de ramp en de delvingsactiviteiten. Officieel luidde de ware toedracht van de aardverschuiving ‘a natural geological disaster’. En China Gold drilde lustig verder.

Bij het googlen naar ‘China’,‘Mining’ en ‘Accident’ vliegen de hits je om de oren en spreken de koppen boekdelen: “Four killed in China mine accident”, “10 miners killed”, “Coal mining, most deadly job in China” …  Toch is de Chinese overheid optimistisch want het aantal doden in koolmijnen kent een dalende trend dankzij betere veiligheidsmaatregelen: van 1.973 in 2011 tot 1.049 in 2013. De eigenlijke cijfers liggen beduidend hoger: mijnbouwbedrijven zijn vaak geneigd tot onderschatten. De quota’s en cijfers, steeds van belang.

Groene revolutie

Spoiling Tibet
‘Spoiling Tibet: China and resource nationalism on the roof of the world’ van Gabriel Lafitte werd vorig jaar uitgegeven door Zed Books en beschrijft in 216 pagina’s de gevolgen van mijnbouw in Tibet (ISBN 978 17 803 24357).

Recent stelde de Australische onderzoeker en milieudeskundige Gabriel Lafitte zijn boek ‘Spoiling Tibet: China and resource nationalism on the roof of the world’ voor. Al jaren bestudeert Lafitte de impact van het Chinese ontwikkelingsbeleid op het fragiele Tibetaanse ecosysteem in het algemeen en mijnbouw in het bijzonder. “Drie specifieke koper- en goudmijnen staan centraal. Allemaal in dichtbevolkte gebieden rond de steden Shigatse, Chamdo en Lhasa. Niet alleen halen de kompels er miljoenen tonnen op, maar de sites zijn ook voorzien van een smelterij waar alles chemische geconcentreerd wordt tot puur metaal. In de gesteenten zitten ook grote hoeveelheden lood en zink die niet gerecupereerd worden. Het restafval bestaat dan ook uit zware metalen die in de omgeving worden begraven lang nadat de werken zijn afgelopen. Het meest onrustwekkende is dat al de opslagplaatsen zich in een straal van 5 kilometer van de Yarlung Tsongpo bevindt, op de rand van Tibets grootste rivier.”

China heeft zich altijd terughoudend opgesteld tegenover internationale verdragen rond broeikasgassen, de uitstoot van koolstofdioxide en vervuiling. Met het laatste meerjarenplan trekt Beijing de ecologische kaart. Om te spreken van een ware groene revolutie is het echter nog wat vroeg. Op het Chinese to-do lijstje staan dan ook de usual suspects: de bestrijding van de klimaatsverandering, natuurbehoud en –bescherming, een verantwoord waterbeheer, de preventie van rampen en het managen van grondstoffen. Het fragiele ecosysteem op het Tibetaanse plateau heeft dan ook nood aan een doordacht eco- en ontwikkellingsbeheer.

Niet alleen het voortbestaan van een unieke biodiversiteit, maar ook de leefomgeving van 2 miljard mensen hangt er van af. De Brahmaputa, de Ganges, de Gele Rivier en de Mekong: allen kennen ze hun oorsprong in Tibet en voorzien ze Azië van water. In de laatste 40 jaar smolten 20% van de gletsjers. De wijziging van het klimaat heeft dan weer invloed op de moesson waar lager gelegen gebieden afhankelijk van zijn. Nomaden moeten gedwongen verhuizen om de graslanden te beschermen. Volgens overheidsspreekbuis Xinhua heeft onderzoek aangewezen dat ‘in Tibet there is basically no pollution of water or atmosphere’. Na zestig jaar vreedzame bevrijding ‘ecological conservation has been progressing rapidly and environmental protection is being strengthened all-round in Tibet.’ De meningen zijn duidelijk verdeeld, maar een ding is zeker: het land van Guru Rinpoche ondergaat een serieuze make-over.

Gabriel Lafitte
Gabriel Lafitte vervult al meerdere jaren de rol van consulent van de Environment & Development Desk (EDD), het departement binnen de Central Tibetan Administration dat milieu en ontwikkeling in Tibet monitort en de publieke opinie hierover informeert.

Naast goud en koper wordt er ook op grote schaal lithium ontgonnen. Jaarlijks wordt er zo’n 1000 ton lithium gerecupereerd uit de droge zoutmeren voor de productie van mobiele telefoons, digitale camera’s, raketten en zelfs antidepressiva. Zo is er een Chinees bedrijf dat zich louter toelegt op de bouw van elektrische wagens, waar je veel batterijen en dus lithium voor nodig hebt. Zout kristaliseert op verschillende manieren, wat kan leiden tot sodium, magnesium en potassium: de basis van chemische meststoffen. Zout is niet alleen noodzakelijk voor menselijke voeding, maar is eveneens een basiscomponent in de plastiekproductie. Samen met olie en gas zijn in Tibet alle ingrediënten aanwezig voor een petrochemische industrie”, aldus Gabriel Lafitte.

Eco-Protest

De lokale bevolking ondergaat de transformatie van hun thuisland niet lijdzaam. Waar ontginningswerken plaatsvinden, steken hoe langer hoe meer protesten de kop op. Recent, in april 2014, kwamen Tibetanen in de provinicie Gansu nog de straat op om hun ongenoegen te uiten. De inbeslagname van hun land voor de bouw van een wegennet, gelinkt aan gouddelving en industrie, zette kwaad bloed. Gewapend met banners en slogans spraken de demonstranten zich uit over de vervuiling en het spirituele belang van de regio. Enkele arrestaties later kwam er een eind aan de betoging die twee dagen stand hield.

In Kham, augustus 2013, werden de eco-protesten iets hardhandiger ontvangen toen 500 ordetroepen dreigden het vuur te open op de demonstranten. Meer dan 1000 Tibetanen werden bestookt met traangas en meermaals geslagen toen ze enkele boeddhistische sites probeerden te beschermen tegen geplande – illegale – mijnactiviteiten. Ook Gabriel Lafitte had de eer en het genoegen kennis te maken met de Chinese autoriteiten: “Naar aanleiding van het 9de vijfjarenplan stelde China het wegwerken van de armoede voorop. Beijing overtuigde de Wereldbank een project te financiëren: de verhuis van 60.000 moslims in de provincie Qinghai, etnisch Tibetaans gebied. We confronteerden de Wereldbank hiermee en mochten ter plaatse op onderzoek gaan. China wist dat we kwamen: natuurlijk arresteerden ze ons. Ik heb het plezier gehad om zeven nachten door de Chinese geheime politie ondervraagd te worden. Ik had het verkeerde visum, was geen officiële afgevaardigde van de Wereldbank en had een verboden plaats gezien. Ik wou gerust schuldig pleiten, want als westerling kunnen ze me alleen het land uitzetten. Ik had geen angst voor martelingen hoewel ze zeiden dat ze me alles konden maken. Was ik een Tibetaan, ik zou het echt geloven. Ik heb een klein beetje ervaren wat vele Tibeanen meemaken.”

Een jaar voor het afsluiten van het huidige vijfjarenplan kunnen we ons (retorisch) afvragen of China zijn targets van groene ontwikkeling en sociale stabiliteit zal bereiken? Of worden het de streefdoelen voor de komende vijf jaar?


Tekst en foto’s © Han Vandenabeele – Dit artikel verscheen eerder in Lungta Magazine nr. 2 – http://www.lungtatibet.be

Conference on Tibet’s Environment at the European Parliament in Brussels 19th June 2013

DSC_0301

On Wednesday 19th June 2013, a conference on Tibet’s Environment was organized at the European Parliament in Brussels. It was hosted by the Members of the European Parliament Mrs. Satu Hassi (Greens), Mr. Thomas Mann (EPP) and Mrs. Lidia Joanna Geringer de Oedenberg (S&D), and jointly organized by the Office of Tibet in Brussels, the International Campaign for Tibet (ICT) and the Unrepresented Nations and Peoples Organization (UNPO). Keynote speaker was Mr. Tenzin Norbu, Head of the Environment and Development Desk of the Central Tibetan Administration at the DIIR in Dharamsala, India.

More than 60 people attended the seminar, including Members of the EP and their assistants, journalists, Belgian Tibet Support Groups such as Tibetan-Flemish Circle of Friends (Tibetaanse-Vlaamse Vriendenkring), Lungta Association Belgium and Lights on Tibet, and officials from the European Commission. Representatives of Tibetan-Flemish Circle of Friends were president Dennis Barbion and Phuntsok Dolma. Moderators were Members of the EP Mrs. Satu Hassi and the President of the Tibet Intergroup at the EP Mr. Thomas Mann.

 

MEP Mr. Thomas Mann welcomed everyone and expressed his gratutide for participDSC_0294ating in the conference about this very important subject, the damaged environment in Tibet. “The environment in Tibet has undergone many changes, due to the global climate change, deforestation and depopulation. We warmly welcome Mr. Tenzin Norbu from Dharamsala in India and we are looking forward to hear his speech. We at the European Parliament are united, there is a lot of solidarity and unity for Tibet among many Members of the European Parliament.”


The Tibet Intergroup of the European Parliament consists or more than 110 MEPs and was founded by Mr. Michel Hervé (French member of the EP) in 1989 to fulfill three main objectives: creating opportunities for informal discussion amongst MEPs who were interested in the situation in Tibet, providing information on the subject for their colleagues and the public in general and encouraging various form of political actions.

 

MEP Mrs. Satu Hassi: “The Environment is a global problem, it’s not only regional or national but it’s global. The ice mass at the poles is melting. Because of general climate changes the glaciers melt. On the three poles the ice is melting, not only at the North of South Pole but also in Tibet, the Third Pole. Many major rivers originate in Tibet. A lot of people depend on those big rivers, 2 billion people or 47% of all the population depend on those rivers that are sometimes heavily polluted. Another great influence on the EnvironmDSC_0282ent are the destructive industries, for example mining by the Chinese in Tibet on a large scale. Sometimes there are tragic incidents in the mining like the one in March 2013 when 83 miners got killed.”

 

After these introductions by the MEPs, Mr. Tenzin Norbu of the DIIR Environmental Department in Dharamsala gave a speech enriched with a PowerPoint presentation showing statistics, pictures and videos.

Mr. Tenzin Norbu: “At the Environmental and Development Desk we are checking the destruction of the Environment in Tibet, the industries who have an impact on this, and the influence on the local people. In my talk I will focus on 3 issues: deforestation, the nomads movement and the global climate change.”

 

Mr. Tenzin Norbu explained that Tibet is considered by scientists as the Third Pole: “Tibet has the largest reservoir of fresh water, for example in lots of glaciers, but also in permafrost and rivers. Tibet has 46,000 glaciers covering an area of 105,000 sq. km. It is the highest, largest and coldest plateau on Earth. Tibet has more fresh water than the North and South Pole. Tibet is the central point of negotiations between China and India, two world powers. The Tibetan Plateau is 4,500 meters above sea level, but now it looks like an upland island high above sea level as the ice is melting. Tibet is the Water Tower of Asia. 30% of all the water flows from Tibet. The Mekong river is the most important, also for fishermen.”

 

He mentioned the resource exploitation. There are 200 active mining sites in Tibet, most copper mines but also gold etc. There are more than 30 different resources. Another fact is the deforestation in Tibet. In 1950 there were 25 million hectares forests in Tibet, in 1985 13,5 million.  Because of the deforestation there has been a huge flood of the Yangtse river in 1998, so there is a huge global ecological problem because of the new industries. In 2012 there is still lots of deforestation, for example in the East of Lhasa. “Something is not right in Tibet and today we don’t speak about human rights but about the environment only. About the mining, there are 3 zones of copper mining in Tibet. Already 26,700,000 tons of copper was mined and 755 tons of gold. We raise the big question for who is this beneficial? Is it beneficial for the locals? No, not at all…” A short video from 2009 was shown about the wastewater discharge in a local stream in Dineth in Amdo. On the video you could see the dumping in the local water very clearly. Of course this only happens at night.


Mr. Tenzin Norbu: “Another thing are the rare Earth elements. To the South of the Nam Tso Basin, heavy materials and rare elements were found in the soil. There is also a lot of lithium mining. In Gyama Valley, cupper sulphite, a heavy metal was detected in the surface water. The Chinese authorities always say that there is no problem with the water, that the water in Tibet is fresh. Because of the pollution, also lots of animals died.”

In Tibet, the Tibetan people protest against the destruction of the Environment and the mining of the natural rDSC_0290esources. In Shigatse there have been lots of protests against the mining in 2010, but also in Shifang, Sichuan, in July 2012. “In 2010 there have been 15 different mining protests in Tibet, and 4 protests in 2012. Thousands of people in total have protested. The locals raised their voice and sometimes the protest was successful and the mining was stopped. Such actions give us a huge hope, not just for the Tibetans but for the environment.”

 

Another issue is the exploitation of Water Resources, the damming of rivers. This is important for many South Asian countries. No river in Tibet is not being dammed, and because of damming, seismic events were very active from 1973-2012.

 

Pastoral nomadism

 

Mr. Tenzin Norbu: “The Tibetan word for nomad is ‘drokpa’ and in fact nomad is not a good translation, it’s a mobile lifestyle. For 8000-9000 years there is a pastoralist culture in Tibet. The Chinese authorities say the drokpa are are economic migrants but in fact it’s nomad removal, it’s not a resettlement as the Chinese say. Grassslands need to be grazed, grazing extend the growing season. The first removals of nomads were in the Machu-Drichu-Zachu region. China says it wants to educate nomads but testimonies of nomads who fled Tibet has stated that the policy of removal is not even explained to the nomads. With the removal of nomads and the new lifestyle, there is a big problem of unemployment and alcohol, but there is also a lot of begging, prostitution and poverty.”

 DSC_0291

The damage to the meadows is final, the grasslands cannot be restalled. The nomads who were expelled, are now living in ghettos. They are also used for tourism reasons. They have to dress up with their traditional clothing and decorations for pictures for tourists. Now people also need to pay an entrance fee to visit the Holy Lake. Nomadic women are also used for washing the cars of the Chinese police and the children are not taught at school. The nomads don’t have a choice, they cannot go back, this is not possible because they don’t have a life stock. Afterwards, the 15 minutes documentary “From Nomad to Nobody” by Michael Buckley was shown, about the life of nomads in Tibet, their removal by the Chinese authorities and the life in the ghettos.

 

Impact climate change

 

Mr. Tenzin Norbu: “20% of the glaciers is retreated in 40 years, so 20% of the glaciers is lost. The Himalaya is retreated on a fast rate compared with European and other glaciers. The permafrost is melting because of the global warming but also due to human interference. In connection with those human disturbances, the change is due to renovations, for example the construction of highways. This has a huge impact on the environment. There is thermal slumping, and the highways need to be repaired every few years because of subsidence. There is also vegetation destruction, and because of the highways, the ground temperature is affected. The big questions are: who has benefit of all this, and who is employed? Definitely not the locals. The Chinese always politicize protests by Tibetans, also protests to protect the environment.”

 

The Tibetan Plateau plays an important role in generating and regulating the Asian Monsoon. Nowadays the rainfall is disturbed, even in India. Because of this, there will definitely be much more migration in the future.

At the end of his talk, Mr. Tenzin Norbu asked for more support and protection of the environment: “China is pollutant no. 1. They don’t have the right to destruct the Environment of Tibetans who live there already 8000-9000 years. The most important import from Tibet to India is silence: Tibetans escaping Tibet are afraid to speak when they still have relatives in Tibet. We hope for more support by the European Parliament and Tibet Groups, because saving the Tibetan plateau saves peace and harmony.”

 

MEP Mr. Thomas Mann ended the very interesting but confrontational and disturbing conference with a message of hope: “We never stop supporting Tibet. You can be sure that we continue our support. The Tibet Intergroup and many MEPs are interested in the Tibet issue and we follow up everything. From the EP we also take action through resolutions. We continue to do so!”


Sources:

1. text © Dennis Barbion
2. photo’s © Han Vandenabeele
3. Dennis Barbion is a Tibet supporter, buddhist and human rights activist based in Belgium. Currently he is the President of Tibetaanse-Vlaamse Vriendenkring (Tibetan-Flemish Circle of Friends) and Coordinator of Tibetan Social Service Belgium Chapter. For more information about the associations: www.tibetvlaanderen.be (website in Dutch) or www.facebook.com/tibetvlaanderen (Facebook page in English) and www.tibetalsocialservice.org or www.facebook.com/TibetanSocialServiceBelgiumChapter. To contact Dennis Barbion: dennis.barbion@telenet.be.

 

“Nomaden hebben het Tibetaanse plateau leefbaar gemaakt, alleen zij weten hoe het moet”

Tibet-activist en academicus Gabriel Lafitte over de noodzaak van verantwoorde ontwikkeling in Tibet

In maart keurde het Chinese Volkscongres het nieuwe vijfjarenplan goed, een reeks economische doelstellingen dat aan zijn 12de editie toe is. Voor het eerst gelanceerd in 1953, kort na de oprichting van de Volksrepubliek, creëerden de doelstellingen doorheen de decennia zowel voorspoed als catastrofes, zoals het tweede vijfjarenplan of de Grote Sprongvoorwaarts. In de volgende vijf jaar zal Beijing zijn pijlen voornamelijk richten op een ecologisch verantwoorde economie, kernenergie en meer sociale gelijkheid. Hoog op de agenda staat ook het terugdringen van broeikasgassen met 17 procent. China neemt dan ook een vijfde van de wereldwijde uitstoot voor haar rekening en ondertekende – net zoals de VS – het Kyoto-protocol niet. Daarnaast moet de binnenlandse consumptie gestimuleert en de import afgeremd worden. Ander belangrijk punt is het verkleinen van de sociale ongelijkheid – uit angst voor sociale onrust misschien – waardoor de verstedelijking moet aangewakkerd worden. Dit gaat gepaard met de creatie van 45 miljoen jobs en de constructie van 36 miljoen woningen voor families met een laag inkomen. De komende vijf jaar zijn volgens premier Wen Jiabao dan ook van cruciaal belang voor de economische transformatie van moederland China.

Enkele weken later – op 1 april – vond in Brussel een seminarie plaats waar het vijfjarenplan uit de doeken werd gedaan voor een internationaal publiek. Onder de aanwezigen bevond zich de Australische academicus en Tibetoloog Gabriel Lafitte. Als independent scholar en public policy analyst werkt hij al meer dan 30 jaar met Tibetanen en schreef tal van artikels en publicaties over geschikte ontwikkelingsmodellen voor Tibet, de exploitatie van grondstoffen, nomaden en urbanisatie. Als expert inzake milieu en ontwikkeling is hij dan ook een veelgevraagde gastspreker en -schrijver. Naast een professionele carriere als docent Aziatische studies aan de universiteit van Melbourne, waar hij recent op pensioen ging, vervult Gabriel Lafitte reeds meerdere jaren de rol van consulent van de Environment & Development Desk (EDD). Het EDD is het departement van de Tibetaanse Regering in Ballingschap dat milieu en ontwikkeling in Tibet monitort en de publieke opinie hierover informeert. Diezelfde 1 april, in de late namidag, hadden wij een onderhoud met Gabriel in het Tibetbureau in Brussel. Bij zijn intrede stak hij meteen van wal.

“Er was een grote diplomatieke delegatie uit China te gast in Brussel met als doel de ‘verkoop’ van hun nieuw jarenplan. Niet alleen aan EU-parlementariërs maar ook aan politieke analysten, journalisten en allerhande inlichtingenbureaus, al heb ik geen flauw idee over welke inlichtingen het ging (lacht). Ik had de mogelijkheid, wat de meeste Tibetanen nooit zullen krijgen, om een vraag omtrent Tibet te stellen aan een Chinese minister. Dergelijke kansen zijn me dierbaar. Maar je kent hun typische antwoorden èn toch zei hij iets interessant. Mijn vraag sneed het thema ‘water’ aan: China gebruikt water uit Tibet zonder de Tibetanen hiervoor te compenseren. Hij erkende dat de gebieden – en dus de mensen die hun voordeel halen uit het water – lager liggen dan het Tibetaanse plateau. Die manier van denken komt meer en meer voor in het debat rond klimaatsverandering en conservatieprojecten. In theorie noemen ze dit Payment for Environmental Services. Als ik mijn bossen en rivieren puur en niet-ontwikkeleld wil houden en mijn buurman plukt daar de vruchten van, dan moet daar iets tegenover staan. In de praktijk is dit niet zo simpel en moet er nagegaan worden hoe het mechanisme in elkaar zit: wie betaalt, wie incaseert… het roept vele vragen op. Maar het is een goed teken dat die Chinese minister het argument aanhaalde.”

“Ik heb juist een week Berlijn en enkele dagen Kopenhagen achter de rug. Nu doe ik Brussel aan en er volgen nog London en Wenen. Ik ben continue aan het spreken over milieu en ontwikkeling. De laatste 12 jaar werk ik op de EED in Dharamsala. Elk jaar ga ik voor enkele maanden naar India en werk er samen met de nieuwe generatie jonge Tibetanen. Zij moeten de wereld inlichten over Tibet hoewel ze geboren zijn in ballingschap. Ze hebben de kans niet om Tibet te bezoeken, wat het extra moeilijk voor hen maakt. In het begin was ik van plan te helpen met het zoeken naar inkomsten en het analyseren van rapporten. Iedereen op het bureau heeft minimum een universitair diploma uit India en vaak nog een tweede aan een westerse universiteit behaald. Een zeer mooie verwezelijking van deze generatie. Het enige probleem is dat ze gewoon waren essays te schrijven maar om een groot publiek te bereiken moet je schrijven met een zekere passie, with heart. Uiteindelijk werd een deel van mijn job hen aan te moedigen hun teksten meer te Tibetaniseren (lacht).”

Nomaden

“De meesten denken bij Tibet aan steden zoals Lhasa, de potala en de kloosters maar er is weinig urbanisatie in Tibet. In de 14de en 15de eeuw waren zelf kloosters traditioneel gezien tenten. Als je vandaag in Tibet rondrijdt en een berg overgaat zie je vaak maar een gebouw in de vallei, een klooster. Het maakt geen deel uit van een stad en bevindt zich ver weg van de drukte en het verkeer. De gebouwen staan geïsoleerd met enkel wat nomadententen in de nabijheid. Het is goed om mensen er aan te herinneren hoe het Tibetaanse landschap er uitziet.”

“Het zijn deze graslanden die volgens China in verval zijn geraakt en de oplossing voor dit probleem is het verplaatsen van nomaden. Archeologen hebben ontdekt dat nomaden al 9000 jaar in Tibet wonen. Dus met uitzondering van de laatste vijftig jaar, they seem to be doing alright. Volgens het 12de vijfjarenplan zullen ze allemaal verdwenen zijn tegen 2013. Daarom moeten we nu iets ondernemen en daarom ben ik in Brussel.”

Op het Tibetaanse plateau leven 2.5 miljoen nomaden die gedwongen worden zich te vestigen in barakken en betonenen blokken. Dit proces verloopt op een gigantische schaal. In the middle of nowhere springen dergelijke nederzettingen als paddestoelen uit de grond. In hun nieuwe omgeving zijn hun traditionele skills compleet nutteloos en China voorziet niet in aangepaste scholing. Mensen gaan van een betekenisvol naar een betekenisloos leven en dit met alle gevolgen vandien: alcoholisme, huishoudelijk geweld… kortom vernielde levens. Het gaat hier om een mobiel volk en het is juist die mobieliteit dat hen in staat stelt duurzaam te leven.”

“Nomaden hebben niet de know-how voor een stadsleven. Je kunt mensen niet zomaar veranderen en zeker niet op die manier. Weet, ik ben Australiër en het beleid doet met sterk denken aan de manier waarop wij vroeger de aboriginals behandelden, 100 jaar geleden.Toen zeiden we ook dat het voor hun eigen goed was. Jullie mensen zijn aan het uitsterven, jullie kunnen niet overleven in de woestijn. Gelukkig is er veel veranderd. Nu zouden we ze niet verplaatsen maar met hen samenwerken, met de nodige finaniciële steun en technische hulp. De nomadenkinderen zijn de toekomst van Tibet, maar het is een uitzichtloze.”

“De Chinese propaganda machine doet dan ook het nodige om de nomaden een aangenaam leven voor te spiegelen. De posters en affiches adverteren comfort: mooie woningen met elektriciteit, negen jaar basisonderwijs voor de kinderen en toegang tot de moderne economie. Een heel nieuwe en spannende wereld die voor hen opengaat. In realiteit zijn er heel veel settlements waar er geen school is en het enige publieke gebouw is een politiekantoor. Sommigen vallen mee, bij anderen is de situatie zeer triestig. Het varieert erg en er zit geen rechtlijnigheid in hun aanpak en beleid. In de jaren ’80 waren er nochtans mobiele scholen. Vroeger begreep men dat het niet noodzakelijk was de nomaden te settelen om de kinderen van een opleiding te voorzien. In Mongolië, ten tijde van de Sovjet-Unie, bereikten de nomadenkinderen een niveau van ongeveer 100% geletterheid. Er werd zwaar geïnvesteerd in onderwijs zoals goede kostscholen en een schoolrooster ingedeeld volgens het leven van de nomaden.”

Wetenschappelijk bewijs

“China heeft wetenschappelijke onderzoekcentra verspreid over het Tibetaanse plateau op plaatsen waar de kwaliteit van het gras zeer slecht is. Die gebieden worden nauwkeurig afgebakkend en dieren mogen er niet meer grazen wat resulteert in meer gras. Ze formuleren dit op de typische marxistische manier: de dialectiek tussen gras en dieren. Hoe meer dieren je hebt, hoe minder gras en omgekeerd. Tibetanen zien dit anders en zijn er altijd in geslaagd evenwicht te behouden.”

“Volgens de Chinezen zijn nomaden primitief, dom en ongeciviliseerd. Vanuit Chinees standpunt begint beschaving op de graslanden door het gras naar de dieren te brengen. Omgekeerd ben je primitief en een slaaf van de natuur. De samenleving begint wanneer je plant, oogst, voorraad opslaat en dieren gevangen houdt. Dit is de allereerste stap op de lange ladder naar beschaving en – uiteraard – staat bovenaan de communistische partij als voorbeeld voor iedereen. Beijing is geobsedeerd door het woord ‘beschaving’. Tijdens de briefing vandaag kwam het constant aan bod. Nu streven ze vooral naar ‘ecologische’ beschaving. Hun doel de beste te zijn is nogal dominerend (lacht).”

“De meeste grote internationale organisaties blijven weg van dergelijke projecten en geven zeker geen rechtstreekse steun. In het verleden zijn er wel enkele bedrijven op een negatieve manier betrokken geweest. Zo financieerde een Duitse firma de vergiftiging van heel wat dieren op de graslanden zoals marmotten en stokstaartjes. Volgens Chinese wetenschappers zijn dergelijk ongedierte een oorzaak van de degradatie van de graslanden. Internationale wetenschappers beweren juist dat ze een gevolg of een symptoom zijn van verval. Volgens hen zijn die bepaalde dieren keystone species en staan ze in het centrum van het ecosysteem. Ze eten de wortels in de grond maar zorgen door het omwoelen dat er lucht in de aarde komt. Maar als je hen vergiftigd zullen grote dieren zoals wolven, beren en gieren ook vergiftigd worden. Er is gelukkig weinig internationale betrokkenheid hierbij maar aan de andere kant is er ook weinig internationale interesse voor dit onderwerp.”

“De nomaden hebben altijd in evenwicht met hun omgeving geleefd waardoor de impact op het eco-systeem gering was. Als mobiel volk maakten ze extensief gebruik van het land: ze gebruikten alles behalve de meren en de bergtoppen boven de sneeuwlijn. China koos voor een intensief landgebruik: urbanisatie, treinen, industrie… kortom geconcentreerde ontwikkeling. Gebieden zonder menselijk nut moeten ontvolkt worden. Op het Chinese binnenland in mindere mate en heb je nog steeds grote boederijdorpen.”

“De nomaden hebben het Tibetaans plateau leefbaar gemaakt doorheen de eeuwen en zij zijn de enigsten die weten hoe ze dat moeten doen. Tibet moet terug een beschermd gebied worden. Dit is ook wat de Dalai Lama in 1989 in Straatsburg verkondigde. Hij verklaarde dat Tibet een refuge of toevluchtsoord moest worden voor de wereld. Een plaats dat ‘natuurlijk’ moet blijven en tegelijk een mooie economische toekomst zou hebben met toeristen van over de hele wereld.”

Global warming

“China heeft zich altijd terughoudend opgesteld tegenover internationale verdragen over broeikasgassen, de uitstoot van koolstofdioxide en vervuiling. Volgens Chinese wetenschappers heeft de opwarming van de aarde ook zijn voordelen. Als je hedendaags China opdeelt in verschillende klimaatzones dan vermindert de vegetatie naarmate je dichter bij Tibet komt. Chinese studies wijzen aan dat bij een klimaatstijging van 4 graden -hoewel er internationaal wordt gestreeft voor een maximale stijging van 2 graden – Tibetaanse gebieden in aanmerking zouden komen voor agricultuur. Zelfs met een daling van 10 procent regenval dan nog zou Tibet uiterst geschikt zijn voor Chinese agricultuur.”

“Opeens zou Tibet ‘beschikbaar’ zijn, wat zeer belangrijk is in het Chinese denken. Van alle 55 nationale minderheden zijn de Tibetanen samen met de Oeigoeren uit Xinjiang de enige twee die nog niet geassimileerd zijn. De Tibetanen zitten als een visgraat vast in de keel van China, die niet in staat is ze door te slikken of er vanaf te geraken. Een pijnlijke zaak voor alle partijen en niemand weet wat te doen. Een van de fundamtale redenen waarom China er nog niet in slaagde Tibet volledig te absorberen is het falen van hun klassieke strategie. Bij de kolonisatie van Binnen-Mongolië, maar ook in de 18de en 19de eeuw tijdens de verovering van Sichuan en Yunnan, gebruikten ze een dubbelledige aanpak: soldaten en boeren. Ze stuurden hun soldaten om te veroveren en hun boeren om voedsel te voorzien. De boeren creëerden een Chinese bevolkingslaag met een eigen markt, een zelfbedruipende economie voor de Chinese kolonisten. Er is een groot verschil tussen veroveren en heersen. Veroveren kan vanop het paard maar om echt te heersen moet je afstappen en iets doen. Alleen in Tibet was die strategie niet succesvol. Om simpele klimatologische redenen. Het is gewoon te koud in Tibet voor Chinese agricultuur. In de jaren ‘50 probeerden de Chinezen verschillende soorten gewas te planten maar alles mislukte, met een ongeziene hongersnood als gevolg.”

“Als je kijkt welke invloed de klimaatsveranderingen nu reeds op Tibet hebben dan is dat rampzalig. Zo is er in de maanden september en oktober al een stijging in neerslag. Dat is de de periode van het oogsten. Teveel neerslag kan leiden tot het rotten van de oogst. De stijging van het klimaat zorgt er weer voor dat de permafrost sneller begint te smelten. Normaal begint dit in de lente, wanneer de wortels in de aarde schieten en het ijs omgezet wordt in water. Wanneer dit proces vroeger start is het water reeds gesmolten voordat de wortels groot genoeg zijn. Op deze manier zullen de vele draslanden – China noemt ze moerassen – die Tibet rijk is stilaan verdwijnen.”

Water

“Volgens Chinese berekeningen zit er dankzij de opwarming van de aarde nog een giganische bonus aan te komen dankzij de smeltende gletsjers. Voor de rest van de eeuw zou dit een stijging van zeker 20 procent meer water met zich meebrengen. Waarom zouden ze verdragen moeten ondertekenen om het klimaat onder controle te krijgen? China als grote vervuiler kreeg natuurlijk al de nodige kritiek van de internationale gemeenschap. Daarop creëerden ze tal van groene zones en nationale parken… die allemaal in Tibet liggen. Het beschermd gebied in Tibet is groter dan alle nationale parken in China samen. Aan een kant is dit goed nieuws want en deel daarvan moet beschermd worden. Zoals de Chang Tang, een woestijn op grote hoogte dat niet bewoond is en waar de dieren in de zomer hun jongen komen baren. Maar China heeft het beschermd gebied enorm uitgebreid met een regio waar alle grote rivieren beginnen en waar de nomaden wonen. Voor hen is het wetenschappelijk noodzakelijk om alle nomaden te verplaatsen. Om meer gras te laten groeien en de watervoorziening van China te beschermen.”

“Je hebt nog een andere regio in de provincie Yunnan waar de Three Parallel Rivers stromen. Je vindt er de Yangtze en de meest internationale rivier van Azië, de Mekong, terug. China overtuigde Unesco ervan de regio te erkennen als werelderfgoed maar pakte het slim aan. Enkel de diepe dalen waar de rivieren in stromen werden beschermd, de feitelijke rivierbedding niet. Daar worden nog steeds hydrodammen gebouwd. De constructie van dammen in Tibet is aan haar tweede hoogtepunt toe. In de jaren ‘60 vond de eerste piek plaats maar weinig mensen weten dit. In die periode was China compleet paranoïa en zag overal vijanden waaronder Amerika en de Sovjet-Unie. Ze kozen Tibet uit als minst bereikbare plaats voor de andere grootmachten. Als voorbereiding op een derde wereldoorlog voltrok zich een ware industriële en militaire revolutie in Tibet. Het grootste meer van Tibet vormde het bouwwerf voor de nucleaire raketten van hun duikboten. Dat is nauwkeurig vastgelegd door Amerikaanse historici. Meer zelfs, wat de Chinezen vroeger ‘Atomic city’ noemden is nu een gigantische attractie. Uiteraard niet voor westerlingen, maar voor patriotische Chinezen. Er is een grote markt voor dergelijk ‘rood’ toerisme.”

Mijnbouw

“In het 12de vijfjarenplan neemt ook mijnbouw een prominente plaats in. Hoewel dit reeds op grote schaal voorkomt staan er drie specifieke mijnen aan te komen, allemaal koper en goud. De mijnen bevinden zich in de omgeving van de grootste steden van de Tibetaans Autonome Regio: Shigatse, Chamdo en Lhasa. Het gaat hier over een sterk ontwikkelde mijnindustrie. Niet alleen zal er voor miljoenen tonnen opgehaald worden maar de sites zijn ook voorzien van een smelterij waar alles chemische geconcentreerd zal worden tot puur metaal. Dit gebeurt met de hulp van een Canadees bedrijf dat medeëigenaar is. Dergelijke industrie zorgt uiteraard voor veel afval. De rijkste opslagplaatsen in de wereld bevatten minder dan 1 procent koper of nog minder voor goud. Per definitie moet je 100 ton stenen opgraven, vervolgens vermalen tot poeder en gedurende een week chemisch koken om een concentraat te verkrijgen dat uit 25 procent koper bestaat. Gigantische hoeveelheden elektriciteit zetten het concentraat om in puur metaal. In de gesteenten zitten ook grote hoeveelheden lood en zink die niet gerecupereerd worden. Je blijft dus zitten met afval van zware metalen dat in de omgeving wordt begraven lang nadat de werken zijn afgelopen. Het ergste is dat al de opslagplaatsen zich in een straal van 5 kilometer van de Yarlung Tsongpo bevindt, op de rand van Tibets grootste rivier. Voordat het mijnen van start ging hebben wetenschappers van de universiteit van Oost-Finland het water van verschillende rivieren getest. Ze concludeerden dat er op natuurlijke wijze al veel zware metalen in het water zitten want Tibet is een jong land dat nog steeds aan het rijzen is.”

“Naast goud en koper wordt er ook op grote schaal lithium ontgonnen. Jaarlijks wordt er 1000 ton lithium gerecupereerd uit de droge zoutmeren voor de productie van mobiele telefoons, digitale camera’s, raketten en zelfs antidepressiva. Zo is er een Chinees bedrijf dat zich toelegt op de bouw van elektrische wagens, waar je veel batterijen en dus lithium voor nodig hebt Het bedrijf kondigde aan dat ze over een monopolie beschikte van een zoutmijn in het verre westen van Tibet. Een zeer ontoegankelijk gebied. Je zou even goed zout kunnen gaan winnen op de Noordpool. Zo zijn ze zelfs in geslaagd hun aandeelprijs op de Hongkong Stock Exchange op te krikken. In de zoutmeren van Qinghai is het probleem veel erger. Het klimaat wordt droger en zorgt voor de verdamping van het water wat resulteert in gewoon zout. Het zout kan kristaliseren op verschillende manieren wat kan leiden tot sodium, magnesium en potassium, de basis van chemische meststoffen. Zout is niet alleen noodzakelijk voor menselijke voeding maar is eveneens een basiscomponent in de plastiekproductie. Samen met olie en gas zorgt dit ervoor dat alle ingrediënten voor een petrochemische industrie aanwezig zijn. En Tibet heeft een giganistche petrochemie, ook al willen de meeste westerlingen daar niets over weten! We hebben graag een romantisch beeld van Shangri la.”

Wereldbank & Nationale Geheime Dienst

“Naar aanleiding van het 9de vijfjarenplan had China een waslijst van verbeteringen opgesteld voor het wegwerken van de armoede. Ze overtuigde de Wereldbank een project te financiëren: de hervestiging van 60.000 moslims in de provincie Qinghai. In een afgelegen gebied, waar olie en zoutmijnen aanwezig zijn, planden ze een dam waardoor irrigatie mogelijk zou worden zodanig dat een grote groep Han Chinezen er een nieuw leven konden stichten. De Wereldbank wist niet dat het over een etnisch Tibetaans gebied ging want het maakte geen deel uit van de TAR. De Tibetanen konden dit niet zelf tegenhouden. Daarom moest een groep westerlingen dit onderzoeken. We hebben de Wereldbank geconfronteerd en hoewel ze vastberaden waren om het project te steunen begon de twijfel toe te slaan. Het was dan ook een controversieel plan van China en er kwam een compromis. In theorie gingen ze doorgaan met het project maar in praktijk moest er ter plaatse onderzocht worden. Ze legden de nodige druk op China en een onderzoekscommissie zou toegelaten worden en met de lokale bevolking kunnen praten.”

DSC_0008 - kopie

“We waren met drie personen, waaronder een Amerikaanse onderzoeker en een Tibetaanse vriend als lokale gids. Het was een zeer moedige beslissing van hem om zich kandidaat te stellen als tolk, wetende wat de risico’s konden zijn. Ik had hem 24u bedenking gegeven maar hij wilde enkel weten of we succesvol gingen zijn. Ik verzekerde hem dat de rest van de wereld zeker op de hoogte ging gebracht worden en dat we het project konden tegenhouden. Hij twijfelde geen minuut. Dus samen gingen we op missie naar China goed wetend dat de kans bestond dat de Chinezen hun beloftes niet gingen nakomen. We hebben het zeer openlijk aangepakt, ze wisten dat we kwamen en… natuurlijk arresteerden ze ons. Ik heb het plezier gehad om zeven nachten door de Chinese nationale geheime politie ondervraagd te worden.”

“Er werd me constant gevraagd waar ik exact geweest was sinds mijn aankomst in China. Telkens opnieuw om me uit te putten en telkens probeerden ze me te betrappen op tegenstrijdigheden. Uiteindelijk waren ze daar niet in geïntereseerd. Belangrijker waren mijn activiteiten in de Australische Tibet Support Group. Ik had zogezegd het verkeerde visa, was geen officiële afgevaardigde van de Wereldbank en had een verboden plaats gezien. We waren geen toeristen want we stelden te veel vragen en hadden daarom een journalisten visa nodig. Onze chauffeur – die ons toegewezen was – had ons langs een gevangenis gereden waardoor we een verboden plaats hadden gezien. Ik wou gerust schuldig pleiten want als westerling kunnen ze me alleen het land uitzetten. Ik had geen angst voor martelingen hoewel ze zeiden dat ze alles konden doen wat ze wilden. Was ik een Tibetaans, ik zou het echt geloven. Ik heb een klein beetje ervaren wat vele Tibeanen meemaken. Mijn Tibetaanse vriend, die nu in Dharamsala woont en werk voor Wildlife Trust India, is zeer bekwaam en intelligent en we hadden een strategie afgesproken in geval van arrestatie. Het was zeer simpel en de Chinezen zouden het wel aanvaarden: play stupid. Op een gegeven moment waren ze ons beu en werden we buitengezet. Mijn Amerikaanse vriend heeft ernstig geleden tijdens de ondervraging. Uiteindelijk viel hij uit het raam van de derde verdieping. Onze inspanningen zijn niet voor niets geweest en de Wereldbank zette het project still. Tibetanen in Tibet zien dit als een van hun grootste overwinningen. Het toont aan dat TSG en Tibetanen in Tibet succesvol kunnen zijn tegen Beijing.”


Bronnen en achtergrondinformatie:

1. Wie meer wil weten over het lot van de Tibetaanse nomaden en de ontwikkelingen in Tibet kan terecht op www.rukor.org. “Rukor is een woord dat zelfs veel Tibetanen niet kennen. Het wordt enkel gebruikt door de nomaden die daarmee een cirkel van tenten bedoelen. Het is een traditionele manier van beslissingen nemen. Als je kijkt hoe China te werk gegaan is met de nomaden, zit je tussen extremen. Van communes tot individuele gezinnen. Rukor is de middenweg. Voor Tibetanen is er altijd een Middle Way,” aldus Gabriel Lafitte. Extra informatie vind je ook terug op www.tibet.net waar rapporten van het DIIR terug te vinden zijn.
2. text and photo’s © Han Vandenabeele, juli 2011