Hoge pieken, diepe dalen

BRUTE MOORD OP KELSANG NAMTSO NIET VERGETEN

DSC_0088

 

Tibetanen riskeren al meer dan een halve eeuw de gevaarlijke oversteek naar Nepal, richting India. Sinds de vlucht van de Dalai Lama kozen ongeveer 150.000 van zijn landgenoten voor een leven in ballingschap. Niet enkel om bij hun geliefde leider te zijn, maar ook voor degelijk onderwijs, zowel religieus als publiek: voor een nieuw leven met betere kansen. Het aantal vluchtelingen liep jaarlijks op tot soms enkele duizenden, maar daalde drastisch sinds de grootschalige rellen in de aanloop van Beijing 2008. Daar zorg(d)en strengere grenscontroles en een strakkere samenwerking tussen China en Nepal voor. Ook Dolma Palkyi en haar vriendin Kelsang Namtso waagden zich aan de hachelijke onderneming, ondertussen acht jaar geleden. Alles ging goed tot ze in het visier van de People’s Armed Police (PAP) verschenen. De paramilitaire tak van het Volksbevrijdingsleger opende het vuur, in het volle zicht van een groep bergbeklimmers. Kelsang stierf ter plaatse. Cameraman Sergiu Matei legde alles vast op film en de ‘Nangpa shooting’ haalde wereldwijd de krantenkoppen. Of toch voor even.

Ik zakte af naar Antwerpen voor een gesprek met Dolma. Ze ruilde India in voor België om er dichtbij haar zus te zijn. Haar enige familie buiten Tibet. Als kind beleefde Dolma een zorgeloze jeugd: ze groeide op in Juchen, een dorpje met een kleine tempel in de omgeving van Driru. Wanneer ze niet aan het spelen was of rondliep in de bergen, hielp Dolma haar moeder in het huishouden. “Met de leeftijd groeide al snel het besef van de Chinese bezetting. Zo luisterde ik vaak gesprekken tussen mijn moeder en broer af. Als monnik voelde hij de volle impact van China. Moeder vertelde ook vaak verhalen van vroeger. Ik droomde van de Dalai Lama en wou vooral hem zien.”

– Als 16-jarige, in 2006, besloot je Tibet te verlaten. Geen onoverwogen beslissing, lijkt me?

“Ik speelde al langer met de idee, maar het juiste moment liet op zich wachten. Op een dag bracht Kelsang de verlossende boodschap: binnen een etmaal zouden we vertrekken. Met lood in de schoenen ging ik naar mijn moeder. Ze reageerde eerst boos uit bezorgheid. Uiteindelijk aanvaardde ze mijn keuze, maar niet zonder een lama te raadplegen. Hij voerde een mo-ceremonie uit: een soort orakelsysteem. De ceremonie kende gelukkig een gusntige uitkomst. Alleen het geld voor de gids vormde een probleem. Dankzij de verkoop van geneeskrachtige paddenstoelen raapten we het nodige bij elkaar. Om geen argwaan te wekken ging ik ‘voor de buitenwereld’ op pelgrimstocht naar Lhasa. Bij het afscheid mocht niemand zijn verdriet tonen.”

STEENWORP

– Je hoort vaak verhalen over dubieuze gidsen. Hoe verliep het jullie?

“In Lhasa bestond onze groep uit 17 mensen. Na enkele dagen pikte een vrachtwagen ons op aan de stadsrand. Uiteindelijk zaten we met 75 personen opeengepakt! Een grotere groep betekent grotere risico’s. De spanning steeg, geen zitplaatsen en kinderen die huilden… Normaal zouden we doorrijden tot vlakbij de Nepalese grens. Daarvoor betaalden we extra en namen we minder voedsel mee. Maar na de derde dag stopte de rit en gingen we te voet verder. Meer dan twintig dagen. Daar speelde de gids het niet eerlijk. Aan de andere kant wist hij onderweg wel waar we veilig konden overnachten of voedsel kopen.”

– Op 30 september bereikten jullie Nangpa La, een bergpas op bijna zesduizend meter hoogte en belangrijke vluchtroute richting Nepal.

“Onze groep raakte gesplitst. Die ochtend bereikten wij als eerste een tentenkamp met toeristen (minstens zestig bergbeklimmers waren dat moment aanwezig in Advance Base Camp aan Mount Cho Oyu, nvdr). Uitgehongerd probeerden sommige onder ons aan voedsel te geraken. Ik wilde ook, maar wist niet hoe het te vragen. Ondertussen naderden in de verte enkele mensen. Ik kon niet uitmaken wie het was: de rest van de groep of politie? Opeens hoorden we luide knallen, net vuurwerk, en … soldaten. Een oudere non, geveld door hoogteziekte, had ondersteuning nodig. Kelsang besloot voor haar te zorgen. De rest moest doorzetten. Iedereen probeerde te vluchten. We zaten op een steenworp van de grens.

– Je raakte gescheiden van Kelsang, met de vrijheid binnen handbereik.

“De kogels floten langs onze oren. Een man uit Kham viel, geraakt in het been, neer. Een soldaat riep dat we geen kant op konden. Ik hoorde een schreeuw en een bepaald gevoel bekroop me. Het is moeilijk uit te leggen. Eenmaal de grens over was het angstvallig wachten op de anderen. Op Kelsang. Ik wilde terug om haar te zoeken. Samen uit, samen thuis. Maar de anderen hielden me tegen omdat het te gevaarlijk was. Via enkele schuiladressen kwamen we uiteindelijk terecht in het Tibetan Refugee Reception Centre (TRRC) in Kathmandu.”

                    Murder in the high Himalay_cover2 Tibet murder in the snow

RESPECT

De grenspolitie nam eenderde van de groep in hechtenis. Meer dan veertig vluchtelingen wisten het TRRC te bereiken. Daar kreeg Dolma de bittere pil te slikken. “Kelsang was gestorven. Ik stortte compleet in en huilde constant.” Veel tijd voor verwerking kreeg ze niet. Tibetanen die na 1989 het grondgebied betreden krijgen twee weken om het land terug te verlaten. Een Nepalese buiging voor China. Een gentlemen’s agreement met de Verenigde Naties zou de vluchtelingen wel veilige doorgang naar India garanderen. Getuigenissen over gedwongen uitwijzingen en een recent rapport van Human Right Watch wijzen eerder op de zorgwekkende situatie voor Tibetanen in Nepal.

– Dolma, het spreekwoord zegt dat tijd alle wonden heelt.

“In het begin kon ik het niet plaatsen. De hele gebeurtenis was ook constant in de media. Nu bekijk ik alles door een andere bril. Het is belangrijk erover te praten zodat de wereld het niet vergeet. Het helpt onze zaak en geeft Kelsangs dood een betekenis. Aan de Chinezen vraag ik slechts een enkele gunst: respecteer onze vrijheid! Door de teugels een beetje te laten vieren zou er wat minder druk op onze samenleving liggen. Dat zou al een verschil maken.”

IN HET OOG VAN DE LENS

Onder het klimgezelschap in Advance Base Camp bevond zich de Roemeen Sergiu Matei. Geschockeerd filmde de professionele cameraman het hele gebeuren en getuigde later openlijk over het incident. Sommige klimmers keerden de Tibetanen de rug toe. Uit angst voor China en hun klimcarrière. Sergiu ging een stapje verder. Ondanks een verbod van de kampverantwoordelijke ontfermde hij zich over een Tibetaanse jongeman die zich schuilhield in het toilet. We vroegen Sergiu om even kort terug te blikken.

“Door Choedon te helpen, hielp ik mezelf. Ik kon de angst in zijn ogen lezen en herkende me in hem. Alsof zijn hart in mijn lichaam klopte. Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik eraan terugdenk. De gevolgen konden me niks schelen, de bergen nog minder. ik wilde hem een veilig gevoel geven en kalmeren. Het voelde juist aan en gelukkig hebben de Chinezen hem niet gevonden. Het is misschien wel de grootste verwezenlijking van mijn leven.”

– Voor de eerste maal werd digitaal vastgelegd wat we eigenlijk vreesden. Harde bewijzen hebben een hoge prijs.

“Ik voelde me er niet goed bij. Was mijn camera het geweer uit mijn legerdienst… Ik schoot ze allemaal neer, zonder aarzelen. Aan de andere kant bewijst de film dat dergelijke – idiote – politiek vroeg of laat tegen de lamp loopt, waardoor ik me wat beter voel. Weet je, op het moment ondernam niemand iets, behalve Pavle Kozjek (de Sloveense fotograaf en bergbeklimmer stierf in 2008 in het Karakoramgebergte, nvdr) en mezelf. Achteraf hebben sommigen het verhaal misbruikt om in de belangstelling te staan. Ze gebruikten de dood van Kelsang Namtso uit zelfbelang en verdienden er geld aan.”

sergiu-matei-dalai-lama - kopie

– Wat je gedaan hebt is belangrijk. Het geeft een glimp van de realiteit in Tibet. Ook Zijne Heiligheid de Dalai Lama wilde jou graag ontmoeten.

“Ik heb hem vlakaf verteld wat ik gezien heb. Hij bedankte me en zei dat het resultaat van mijn twee minuten opname hem vijftig jaar gekost heeft. De Dalai Lama is waarschijnlijk de enige betrouwbare persoon in dit hele verhaal. Het is moeilijk voor hem om zijn cultuur en natie te bevrijden na meer dan een halve eeuw onderdrukking. Ik hoop het beste voor hem en zijn volk.”

– Ik vroeg Dolma Palkyi of de pijn verzacht met de tijd. Zij kon het plaatsen. Hoe vergaat het jou?

“Verstand komt met de jaren. Al doe je nog zo hard je best de waarheid te verdedigen, er zal altijd van geprofiteerd worden. Ik zal eerlijk met je zijn. Ook de toekomst van Tibet zie ik somber in. Voor je het weet maakt het ook deel uit van een vervlogen geschiedenis. Allemaal door zelfbelang. Winston Churchill zei dat geschiedenis geschreven wordt door de overwinnaars. In dit geval dus China. Het is hard om dit te beseffen. Ik heb de waarheid gefilmd en maak er deel van uit, maar alles vervaagt door leugens.”

Sindsdien heeft Sergiu geen berg meer beklommen. Op 30 september 2006 kruisten – door toeval of karma – de paden van verschillende mensen op de Nangpa La pas. Kelsang Namtso stierf, maar is helemaal niet vergeten. Haar dood raakte het leven van groepsgenoten, alpinisten en de Chinese grenspolitie. Al luidde het vanuit Beijing officieel zelfverdeding.


Bronnen en achtergrondinformatie:

1. Tekst en foto Dolma © Han Vandenabeele.
2. Een versie van dit interview verscheen eerder in Tibet.nu, magazine over Tibet in alle facetten, nummer 13, najaar 2014. Voor meer info zie http://www.tibet.nu.
3.

In de ban van de mijn

In 2015 loopt China’s 12de vijfjarenplan op zijn einde. Kort na de oprichting van de Volksrepubliek werden deze economische doelstellingen in het leven geroepen en creëerden ze zowel voorspoed als catastrofes. Zo veroorzaakte de Grote Sprongvoorwaarts – het meest pijnlijke voorbeeld – een enorme industriële boost, maar verwaarloosde de landbouw met ongeziene hongersnood als gevolg. In het huidige ontwikkelingsplan richt Beijing zijn pijlen voornamelijk op een ecologisch verantwoorde en duurzame economie. Bijkomend belangrijk punt is het verkleinen van de sociale ongelijkheid door o.a. het aanwakkeren van de verstedelijking. De creatie van 45 miljoen jobs en de constructie van 36 miljoen woningen voor arme families moeten hier de klus klaren. In de Tibetaanse regio’s vertaalde dit zich in de ‘Comfortable Housing Policy’, waarbij tot op heden meer dan twee derden van de totale bevolking binnen de Tibetaans Autonome Regio (TAR) – ongeveer 2 miljoen mensen – moesten verhuizen. In Qinghai, dat grotendeels overlapt met de Tibetaanse provincie Amdo, leeft ondertussen 90% van de nomaden en herders een sedentair bestaan ‘dankzij’ deze strijd tegen armoede. Of de lokale bevolking enige inspraak heeft in en gebaat is met deze maatregelen is een andere kwestie. Van de communes tot de hedendaagse (gedeeltelijke) vrijemarkteconomie: voor China tellen eenmaal de cijfers en quota’s.

DIGITAL IMAGE

In het 12de vijfjarenplan neemt ook mijnbouw een prominente plaats in. Het oude Tibet kende kleinschalige delving van edele metalen zoals goud en zilver, maar het ontbrak elke vorm van moderne infrastructuur – op uitzondering van een kleine elektriciteitscentrale en een munthuis na. Een belangrijke reden hiervoor had een religieuze grondslag. Volgens de overlevering introduceerde Guru Rinpoche of Padmasambhava niet alleen het boeddhisme, hij voorzag de regio eveneens van vele bodemschatten. De ontginning van grondstoffen zou, zo wil het volksgeloof, het klimaat beïnvloeden en op die manier de landbouw onwrichten. De komst van de Chinezen maakte een einde aan de natuurlijke symbiose tussen mens en omgeving. Het Rode leger, met in zijn kielzog een bataljon geologen, opende niet alleen de weg naar het socialisme, maar eveneens de Tibetaanse bodem.

Goudkoorts

Met de bezetting verwierf de Chinese staat het eigendom van alle natuurlijke rijkdommen – door het simpelweg te claimen – en implementeerde vrijwel onmiddellijk de bodemexploitatie in zijn vijfjarenplanning. In een eerste fase moest voorzien worden in de stijgende vraag naar fossiele brandstoffen, zoals steenkool en olie. Vervolgens focusde China zich op koper als basis voor de industrialisatie en ontwikkeling van het Chinese binnenland. Een van de grootste koperreserves binnen de Volksrepubliek bevindt zich in de TAR. Daarnaast vormen ook goud en zout belangrijke aanwinsten voor het spijzen van de Chinese economie. Enkel de onherbergzaamheid en de geïsoleerde ligging van het hoogplateau kunnen voorlopig ietwat weerwerk bieden tegen China’s ongebreidelde drang naar natuurlijke mineralen.

China Gold_logo

In de laatste vijftig jaar ontgon men, van alle grondstoffen die Tibet rijk is, het meest goud. China groeide uit tot ‘s werelds grootste consument, producent en importeur van het edele metaal. Kleinere bedrijven werden in de loop der jaren opgekocht en grote spelers, zoals de China National Gold Group, domineren nu de markt. China Gold bezit mijnen in twee van de vijf autonome regio’s binnen de Volksrepubliek: Binnen-Monoglië en Tibet. Beide mijnen doen het goed. Volgens de officiële website mogen we over enkele jaren een verdubbeling van productiviteit verwachten. Maar dergelijke werken op grote hoogte houden risico’s in. Vorig jaar vond een aardverschuiving plaats in de buurt van de Gyama-mijn en bedolf een kamp van arbeiders. Het getroffen gebied, op ruim 65 km van Lhasa, besloeg een lengte van drie kilometer met twee miljoen kubieke meter aan modder, stenen en puin. De ramp kostte het leven aan 83 mijnwerkers, waarbij 2 Tibetanen, en gaf aanleiding tot kritische vragen rond China’s mijnbouwbeleid. De propagandamachine draaide onmiddellijk op volle toeren en officieel was er dan ook geen verband tussen de ramp en de delvingsactiviteiten. Officieel luidde de ware toedracht van de aardverschuiving ‘a natural geological disaster’. En China Gold drilde lustig verder.

Bij het googlen naar ‘China’,‘Mining’ en ‘Accident’ vliegen de hits je om de oren en spreken de koppen boekdelen: “Four killed in China mine accident”, “10 miners killed”, “Coal mining, most deadly job in China” …  Toch is de Chinese overheid optimistisch want het aantal doden in koolmijnen kent een dalende trend dankzij betere veiligheidsmaatregelen: van 1.973 in 2011 tot 1.049 in 2013. De eigenlijke cijfers liggen beduidend hoger: mijnbouwbedrijven zijn vaak geneigd tot onderschatten. De quota’s en cijfers, steeds van belang.

Groene revolutie

Spoiling Tibet
‘Spoiling Tibet: China and resource nationalism on the roof of the world’ van Gabriel Lafitte werd vorig jaar uitgegeven door Zed Books en beschrijft in 216 pagina’s de gevolgen van mijnbouw in Tibet (ISBN 978 17 803 24357).

Recent stelde de Australische onderzoeker en milieudeskundige Gabriel Lafitte zijn boek ‘Spoiling Tibet: China and resource nationalism on the roof of the world’ voor. Al jaren bestudeert Lafitte de impact van het Chinese ontwikkelingsbeleid op het fragiele Tibetaanse ecosysteem in het algemeen en mijnbouw in het bijzonder. “Drie specifieke koper- en goudmijnen staan centraal. Allemaal in dichtbevolkte gebieden rond de steden Shigatse, Chamdo en Lhasa. Niet alleen halen de kompels er miljoenen tonnen op, maar de sites zijn ook voorzien van een smelterij waar alles chemische geconcentreerd wordt tot puur metaal. In de gesteenten zitten ook grote hoeveelheden lood en zink die niet gerecupereerd worden. Het restafval bestaat dan ook uit zware metalen die in de omgeving worden begraven lang nadat de werken zijn afgelopen. Het meest onrustwekkende is dat al de opslagplaatsen zich in een straal van 5 kilometer van de Yarlung Tsongpo bevindt, op de rand van Tibets grootste rivier.”

China heeft zich altijd terughoudend opgesteld tegenover internationale verdragen rond broeikasgassen, de uitstoot van koolstofdioxide en vervuiling. Met het laatste meerjarenplan trekt Beijing de ecologische kaart. Om te spreken van een ware groene revolutie is het echter nog wat vroeg. Op het Chinese to-do lijstje staan dan ook de usual suspects: de bestrijding van de klimaatsverandering, natuurbehoud en –bescherming, een verantwoord waterbeheer, de preventie van rampen en het managen van grondstoffen. Het fragiele ecosysteem op het Tibetaanse plateau heeft dan ook nood aan een doordacht eco- en ontwikkellingsbeheer.

Niet alleen het voortbestaan van een unieke biodiversiteit, maar ook de leefomgeving van 2 miljard mensen hangt er van af. De Brahmaputa, de Ganges, de Gele Rivier en de Mekong: allen kennen ze hun oorsprong in Tibet en voorzien ze Azië van water. In de laatste 40 jaar smolten 20% van de gletsjers. De wijziging van het klimaat heeft dan weer invloed op de moesson waar lager gelegen gebieden afhankelijk van zijn. Nomaden moeten gedwongen verhuizen om de graslanden te beschermen. Volgens overheidsspreekbuis Xinhua heeft onderzoek aangewezen dat ‘in Tibet there is basically no pollution of water or atmosphere’. Na zestig jaar vreedzame bevrijding ‘ecological conservation has been progressing rapidly and environmental protection is being strengthened all-round in Tibet.’ De meningen zijn duidelijk verdeeld, maar een ding is zeker: het land van Guru Rinpoche ondergaat een serieuze make-over.

Gabriel Lafitte
Gabriel Lafitte vervult al meerdere jaren de rol van consulent van de Environment & Development Desk (EDD), het departement binnen de Central Tibetan Administration dat milieu en ontwikkeling in Tibet monitort en de publieke opinie hierover informeert.

Naast goud en koper wordt er ook op grote schaal lithium ontgonnen. Jaarlijks wordt er zo’n 1000 ton lithium gerecupereerd uit de droge zoutmeren voor de productie van mobiele telefoons, digitale camera’s, raketten en zelfs antidepressiva. Zo is er een Chinees bedrijf dat zich louter toelegt op de bouw van elektrische wagens, waar je veel batterijen en dus lithium voor nodig hebt. Zout kristaliseert op verschillende manieren, wat kan leiden tot sodium, magnesium en potassium: de basis van chemische meststoffen. Zout is niet alleen noodzakelijk voor menselijke voeding, maar is eveneens een basiscomponent in de plastiekproductie. Samen met olie en gas zijn in Tibet alle ingrediënten aanwezig voor een petrochemische industrie”, aldus Gabriel Lafitte.

Eco-Protest

De lokale bevolking ondergaat de transformatie van hun thuisland niet lijdzaam. Waar ontginningswerken plaatsvinden, steken hoe langer hoe meer protesten de kop op. Recent, in april 2014, kwamen Tibetanen in de provinicie Gansu nog de straat op om hun ongenoegen te uiten. De inbeslagname van hun land voor de bouw van een wegennet, gelinkt aan gouddelving en industrie, zette kwaad bloed. Gewapend met banners en slogans spraken de demonstranten zich uit over de vervuiling en het spirituele belang van de regio. Enkele arrestaties later kwam er een eind aan de betoging die twee dagen stand hield.

In Kham, augustus 2013, werden de eco-protesten iets hardhandiger ontvangen toen 500 ordetroepen dreigden het vuur te open op de demonstranten. Meer dan 1000 Tibetanen werden bestookt met traangas en meermaals geslagen toen ze enkele boeddhistische sites probeerden te beschermen tegen geplande – illegale – mijnactiviteiten. Ook Gabriel Lafitte had de eer en het genoegen kennis te maken met de Chinese autoriteiten: “Naar aanleiding van het 9de vijfjarenplan stelde China het wegwerken van de armoede voorop. Beijing overtuigde de Wereldbank een project te financiëren: de verhuis van 60.000 moslims in de provincie Qinghai, etnisch Tibetaans gebied. We confronteerden de Wereldbank hiermee en mochten ter plaatse op onderzoek gaan. China wist dat we kwamen: natuurlijk arresteerden ze ons. Ik heb het plezier gehad om zeven nachten door de Chinese geheime politie ondervraagd te worden. Ik had het verkeerde visum, was geen officiële afgevaardigde van de Wereldbank en had een verboden plaats gezien. Ik wou gerust schuldig pleiten, want als westerling kunnen ze me alleen het land uitzetten. Ik had geen angst voor martelingen hoewel ze zeiden dat ze me alles konden maken. Was ik een Tibetaan, ik zou het echt geloven. Ik heb een klein beetje ervaren wat vele Tibeanen meemaken.”

Een jaar voor het afsluiten van het huidige vijfjarenplan kunnen we ons (retorisch) afvragen of China zijn targets van groene ontwikkeling en sociale stabiliteit zal bereiken? Of worden het de streefdoelen voor de komende vijf jaar?


Tekst en foto’s © Han Vandenabeele – Dit artikel verscheen eerder in Lungta Magazine nr. 2 – http://www.lungtatibet.be

Tibetaanse Verklaring van Onafhankelijkheid

cropped-fah589-kopie.jpg

Op 13 februari zal het exact een eeuw geleden zijn dat de Dertiende Dalai Lama de onafhankelijkheid van Tibet uitriep. Deze historische gebeurtenis op de achtste dag van de eerste maand van het Water-Os jaar (1913) sneed een nieuw hoofdstuk in de turbulente Tibetaanse geschiedenis aan. Deze bekendmaking schetste een goed beeld van de toenmalige politieke verhoudingen tussen China en Tibet. In die periode werd tevens de Tibetaanse vlag zoals we die vandaag kennen in het leven geroepen, zij het als militaire vlag. De officiële afkondiging herstelde en leverde Tibet een de facto onafhankelijkheid op totdat de inval van het Chinese Volksbevrijdingsleger in 1949 hier een einde aan maakte. Wat volgt is een vertaling van de originele tekst die toen werd uitgegeven.

Ik, de Dalai Lama, meest alwetende bezitter van het boeddhistische geloof, waarvan de titel werd verleend door de heer Boeddha uit het glorieuze land van India, spreek tot u als volgt:

Ik richt me tot alle lagen van het Tibetaanse volk. De heer Boeddha, uit het prachtige land van India, voorspelde dat de reïncarnaties van Avalokitesvara, door middel van opeenvolgende heersers van de eerste religieuze koningen tot op heden, in zouden staan voor het welzijn van Tibet.

Scannen0002 Scannen0003

Sinds de tijd van Genghis Khan en Altan Khan van Mongolië, de Chinese Ming-dynastie en de Qing-dynastie van de Mantsjoe, werkten Tibet en China samen op basis van een patroon-priester relatie. Een paar jaar geleden trachtte de Chinese autoriteiten ons grondgebied in Szechuan en Yunnan te koloniseren. Ze brachten een groot aantal troepen in Centraal-Tibet samen om zogenaamd toezicht te houden op de handelsmarkt. Daarom ontvluchtte ik, samen met mijn ministers, Lhasa richting de Indo-Tibetaans grens. Via telegraaf probeerde ik de Mantsjoe keizer duidelijk te maken dat de bestaande verhouding tussen Tibet en China niet gebaseerd was op ondergeschiktheid van de ene aan de andere maar een patroon-priester relatie inhield. Ik had geen andere keuze dan de grens naar India over te steken want ik werd achtervolgd door Chinese troepen die de intentie hadden me gevangen te nemen, dood of levend.

Scannen0001Bij mijn aankomst in India heb ik verschillende telegrammen verzonden naar de keizer maar zijn antwoord op mijn vraag werd vertraagd door corrupte ambtenaren in Peking. Ondertussen viel het Mantsjoe-rijk uit elkaar. De Tibetanen werden aangemoedigd de Chinezen uit Centraal-Tibet te verdrijven. Ook ik keerde veilig naar mijn rechtmatig en heilig land terug en ben bezig de overgebleven Chinese troepen  in Do Kham, Oost-Tibet, buiten te krijgen. Momenteel vervaagt het Chinese voornemen om Tibet te koloniseren onder de patroon-priester verhouding als een regenboog aan de hemel. Nu dat we opnieuw een periode van geluk en vrede voor onszelf hebben bereikt, ben ik aangewezen om zonder nalatigheid voor iedereen de volgende taken uit te voeren:

1. Vrede en geluk in deze wereld kunnen alleen worden gehandhaafd door het behoud van het geloof in het boeddhisme. Het is daarom essentieel alle boeddhistische instellingen van Tibet in stand te houden, zoals de Jokhang-tempel en Ramoche in Lhasa, Samye en Traduk in zuidelijk Tibet, en de drie grote kloosters, enz.

2. De verschillende boeddhistische scholen in Tibet moeten in een heldere en zuivere vorm worden bewaard. Boeddhisme moet op gepaste wijze onderwezen, aangeleerd en gemediteerd worden. Met uitzondering van speciale personen hebben de beheerders van kloosters geen toestemming om handel te drijven, geld te lenen, vee te verhandelen en/of andermans onderdanen te onderwerpen.

Scannen0004Scannen0005

3. De burgerlijke en militaire ambtenaren van de Tibetaanse regering moeten op een eerlijke wijze belastingen innen en correct omgaan met hun burgers, zodat de belangen van de regering niet geschaad worden bij het uitvoeren van deze taken. Sommige overheidsambtenaren geplaatst in Ngari Korsum, West-Tibet, en in Do Kham, Oost-Tibet, dwingen hun onderdanen om commerciële goederen aan te kopen tegen hoge prijzen en transportkosten te betalen die de opgelegde limieten overschrijden. Huizen en landerijen van de burgers werden in beslag genomen na kleine schendingen van het gemeenschapsrecht. Bovendien werden amputaties van ledematen als straf uitgevoerd. Voortaan zijn dergelijke zware straffen verboden.

4. Tibet is rijk aan natuurlijke grondstoffen maar niet wetenschappelijk geavanceerd zoals andere landen. Wij zijn een kleine, religieuze en onafhankelijke natie. Om de rest van de wereld bij te blijven moeten we ons land verdedigen. Met het oog op vorige invasies door buitenlanders kunnen onze mensen bloot gesteld worden aan bepaalde problemen die ze moeten negeren. Om de onafhankelijkheid  van ons land te beschermen en te behouden moet eenieder op vrijwillige basis hard werken. Onze burgers die in de grensregio’s wonen moeten waakzaam blijven en de regering op de hoogte houden van eventuele verdachte ontwikkelingen via een speciale boodschapper. Onze burgers moeten grote confrontaties tussen de twee naties vanwege kleine incidenten vermijden.

Scannen0006

5. Tibet, hoewel dunbevolkt, is een uitgestrekt land. Sommige lokale ambtenaren en grondbezitters belemmeren, uit jaloezie, de ontwikkeling van beschikbaar land door anderen, hoewel ze het zelf ook niet doen. Mensen met dergelijke bedoelingen zijn vijanden van de staat en onze vooruitgang. Vanaf nu mag niemand verhinderd worden om beschikbare gronden te cultiveren. Grondbelastingen mogen pas geïnd worden nadat drie jaar verstreken zijn. Nadien zal de landbouwer elk jaar belastingen aan de regering en de verhuurder moeten betalen, evenredig met de huur. Het land zal toebehoren aan de landbouwer.

Uw verplichtingen aan de regering en het volk zullen bereikt worden wanneer u alles hebt uitgevoerd wat ik hier heb meegedeeld. Deze brief moet in elke district van Tibet aangekondigd en geplaatst worden en een kopie moet bewaard worden in de archieven van de kantoren in elk district.

Vanuit het Potala-paleis


Bronnen en afbeeldingen:

– Tibetan Paper Money: 10 Srang / 100 Srang
– Tibetan Coins: 1 Sho / 3 Sho / 5 Sho
– National Geographic Magazine September 1934 – Flags of the World
– Tobacco tradingcards ‘Flags of the Nations’ – published in 1936 / 1932 / 1916
– Vertaling uit het Engels door Tamara Foubert
– W. D. Shakabpa,Tibet: a political history, Potala Publications 1984, pag. 246-248
– Afbeeldingen prive-collectie Han vandenabeele